Chantillykant

Musea > Chantillykant

Geschiedenis


Zoals in vele Vlaamse steden, kende Geraardsbergen een kantnijverheid die dateert van voor de invoering van de Chantillykant. De eerste echte bewijzen dat er in het Geraardsbergse kant werd geklost, dateren van 1697. Dit document verhaalt een onderschepping van gesmokkelde pakken kant, waarschijnlijk afkomstig van de begijntjes van de stad.
 
Volgens de volkstelling van 1747 telt men te Geraardsbergen slechts 1 kantwerkster . In 1783 onderwijzen de Benedictinessen van Hunnegem verschillende soorten handwerk : breien, naaien, mazen, borduren en KANT. De opkomst van de kantnijverheid, in het bijzonder in Geraardsbergen, situeren we begin 19de eeuw. Uit de volkstelling van 1812 leren we dat Geraardsbergen 1 kanthandelaar ( Ghislain van Crombrugghe) en 130 kantwerksters rijk is. Thérèse Byl, directrice van de weesschool, behaalde op een tentoonstelling van Belgische industriële producten, een eervolle vermelding voor een kantstuk dat gerekend werd bij de groep "Rijselse kant". Deze soort ligt technisch aan de basis van de Chantillykant.
Wat is chantillykant ?
 
Het is een kantsoort ontstaan in het Franse stadje Chantilly. Via Caen en Bayeux, waaide die begin vorige eeuw over naar Geraardsbergen, waar ze dankzij de toen heersende mode een groot succes kende. Chantillykant klost men voornamelijk met zwarte zijde. De motieven in halve slag geklost, worden omlijnd door een dikkere sierdraad, omringd door zeshoekige tralies De tekeningen bestaan meestal uit bloemenruikers, versierd met allerlei sierlijke arcades. De kantwerken dienden o.a. als versiering van corsages en hoofddeksels, kragen, stola's , sluiers en zelfs gehele kledingstukken. Deze grote oppervlakken ( 3 tot 4 meter) bestaan uit verschillende kleine stroken die met een bijna onzichtbare steek aan elkaar gelast worden. Men neemt aan dat in Geraardsbergen met zwarte kant gestart werd , op initiatief van de heer Lepage.
 
Halverwege de 19de eeuw kende de kantnijverheid in Geraardsbergen een enorme opgang.

Enkele cijfers :
 
  • 1847 : 1 830 kantwerksters op een totaal van 7 340 inwoners.
  • 1857 : 1 900 kantwerksters op een totaal van 8 260 inwoners.
  • 1866 : 55 kantfabrikanten. Geraardsbergen is na Brussel de belangrijkste kantfabrikant.
  • 1867 : De kantproductie is vervijfvoudigd t.o.v. 1855.
 
Rond 1873 raakt Chantillykant echter uit de mode en hoge invoerrechten, soms tot 60%, droegen hun steentje bij tot het verval van de kantindustrie. Ondanks de vele initiatieven, waaronder een speciale delegatie naar een tentoonstelling in Philadelphia (1876) , kon men deze nijverheid niet meer redden.
 
In 1880 telde Geraardsbergen nog maar 700 kantwerksters. Onder impuls van Prinses Elisabeth poogde men in 1905 een nieuwe start. Niets kon echter nog baten. In 1912 bleven 8 fabrikanten over. In 1914 kwamen onbetaalde verzendingen naar Amerika terug. Tijdens de Eerste Wereldoorlog kende de Chantilly kantnijverheid nog een kortstondige opflakkering. De kant die toen geklost werd noemt men "War Laces" of oorlogskant. In 1926 stelde Cattelain nog slechts een honderdtal vrouwen te werk. Nog tot 1932 voerde men Geraardsbergse kant uit.
Kantklossen als hobby.
 
Het kantleerwerkhuis 't Gregoreken werd in 1984 opgericht door Ingrid Lewyllie en had tot doel de kant opnieuw actueel te maken in Geraardsbergen. Na jarenlang allerlei kantsoorten aangeleerd te hebben, wil het kantleerwerkhuis zich nu uitsluitend toeleggen op de techniek van de Chantillykant. Hiervoor werd een beroep gedaan op Ghislaine Moors, die haar kantsporen al verdiend heeft. Tijdens de lessenreeksen wordt er zeer grondig ingegaan op het leerprogramma ontworpen in het " Conservatoire de la Dentelle de Bayeux ".


Chantillykantmuseum.

 
Onder impuls van de VVV Geraardsbergen en de verzamelaarsclub C.N.C. werd in 1986 het Chantillykantmuseum gesticht. Hiervoor stelde de toenmalige vzw Abdij-Gavers een lokaal ter beschikking op de tweede verdieping van het Abtenhuis van de St-Adriaansabdij.Het museum bevat grote stukken als sjerpen, mantilles, puntsjalen, waaiers, kouseninzetstukjes, stroken kant met verschillende motieven, War Laces enz.
 
Daarnaast bezit het museum ook kantpatronen, tekeningen, en materiaal dat gebruikt wordt om kant te klossen.
 
Ingrid Lewyllie

Conservator Chantillykantmuseum